Oppositie in Brabant dwingt extra debat af over plannen provincie

Hoewel de vier collegepartijen in Provinciale Staten van Brabant het in grote lijnen eens waren met het door het provinciebestuur voorgestelde pakket van maatregelen, stemden deze partijen in met een tweede ronde. Dat bleek uit het debat dat vrijdagmorgen in het provinciehuis in Den Bosch werd gevoerd.
Ammoniak-aanpak
Met enkele honderden verbolgen veehouders in een nevenzaal ventileerden de landbouwwoordvoerders van de elf fracties in Provinciale Staten hun mening over de in boerenkringen zwaar bekritiseerde plannen. Dat moesten ze overigens heel kernachtig doen, want elke spreker kreeg slechts 2 minuten toegewezen.
Met name het versnellen van de verplichte aanpassing van veestallen om de ammoniakuitstoot terug te dringen (van 2028 naar 2022) ging meerdere partijen te ver. Volgens Ton Braspenning (CDA) pakken de plannen dramatisch uit voor de sector. Wat u wilt is praktisch, financieel en juridisch niet haalbaar.
Meerdere partijen, onder wie GroenLinks, vroegen aandacht voor de positie van de biologische boeren, want ook die komen door de voorgenomen plannen in de knel.Vreugdenhil (ChristenUnie/SGP) had uit de BOTS-proeven (onderzoek onder veehouders in Boekel en Reusel-De Mierden) vastgesteld dat boeren ook een duurzame natuur willen, maar dan samen met een duurzame landbouw.
Flankerend beleid
Zowel de coalitie- als oppositiepartijen vroegen naar meer duidelijkheid over het flankerend beleid, zoals dat door het provinciebestuur is aangekondigd. Er zijn vragen over de omvang van het fonds, wie er aan moet bijdragen en of er ook een sociale paragraaf komt voor boeren die in 2022 echt geen kant op kunnen. Meerdere sprekers wezen erop dat mogelijk 300 boeren door de maatregelen onder de armoedegrens belanden.
Gedeputeerde Anne-Marie Spierings noemde het flankerend beleid van niet te onderschatten belang. Ze wil zich inzetten voor alle boeren die in de toekomst duurzaam willen worden, in het bijzonder de jonge boeren. Ze noemde de mogelijkheid van het aangaan van leaseconstructies, bijvoorbeeld voor de aanschaf van een luchtwasser.
Extra debat
Hoewel de coalitiepartijen (VVD, SP, D66 en PvdA) aanvankelijk aangaven voldoende te hebben aan schriftelijke beantwoording van gestelde vragen, gingen ze mee met het dringende voorstel van het CDA, GroenLinks andere oppositiepartijen om op vrijdag 30 juni opnieuw in debat te gaan, zij het over een zestal concrete onderwerpen: BZV (Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij, mest (inclusief mestverwerking), flankerend beleid, juridische haalbaarheid en het rapport Brabant Advies.
Praktijkverhalen
Na het debat was tijd ingeruimd voor liefst 20 insprekers. In soms zeer bewogen betogen over de gevolgen voor het eigen veebedrijf vertelden verschillende boeren en boerinnen wat de papieren plannen in de praktijk betekent voor hun bedrijf en gezinnen. Enkel insprekers gaven aan geen toekomst meer te zien, als de voorgestelde plannen ongeschonden worden doorgezet. Zoals de 58-jarige kalvermester John van de Wijgert uit Sint Oedenrode. Als ik moet investeren in een luchtwasser kan ik kiezen: stoppen met een restschuld of doorwerken tot ik 75 ben.
Op 30 juni vindt het vervolgdebat plaats over de Brabantse transitieplannen, op 7 juli stemmen Provinciale Staten over het landbouwdossier.
Tekst: Henny Lenkens
Beeld: Susan Rexwinkel